|
|
| Regel 64: |
Regel 64: |
| Een werkhypothese die in dit project centraal staat: veel depressieve klachten (of zelfs volledige depressieve episodes) kunnen, bij personen met beperkte contextcapaciteit, het resultaat zijn van langdurige stress en uitputting — een soort ''chronische burnout'' die zich uit als depressie. | | Een werkhypothese die in dit project centraal staat: veel depressieve klachten (of zelfs volledige depressieve episodes) kunnen, bij personen met beperkte contextcapaciteit, het resultaat zijn van langdurige stress en uitputting — een soort ''chronische burnout'' die zich uit als depressie. |
| Praktisch onderscheid tussen klassieke endogene depressie en deze vorm is complex; het is vooral een andere verklaringslaag: niet primair interne biochemische ontregeling, maar een secundaire reactie op langdurige contextstress en compensatielast. | | Praktisch onderscheid tussen klassieke endogene depressie en deze vorm is complex; het is vooral een andere verklaringslaag: niet primair interne biochemische ontregeling, maar een secundaire reactie op langdurige contextstress en compensatielast. |
|
| |
| === Klinische implicaties ===
| |
| * '''Diagnostiek:''' naast symptomenscore altijd de levenscontext en de mate van contextgevoeligheid bevragen.
| |
| * '''Differentiaaldiagnose:''' onderscheid maken tussen primaire depressieve stoornis, burn-out en depressieve symptomen secundair aan contextmismatch (of comorbide aandoeningen).
| |
| * '''Behandeling:''' naast farmacologische en psychotherapeutische interventies is het cruciaal om:
| |
| ** prikkelreductie en structuur (coping, planning, werk-aanpassingen) te bevorderen;
| |
| ** contextuele vaardigheden aan te leren (expliciteren van context, training in tweede-graads denken waar mogelijk);
| |
| ** sociale en werkcontext aan te passen om langdurige herhaling en overbelasting te verminderen.
| |
|
| |
| === Praktische aanpak / stappen ===
| |
| # '''Screenen''' op burn-out en depressieve symptomen (DSM-checklist) én op contextgevoeligheid (casus-anamnese).
| |
| # '''Veiligheid:''' suïcidaliteit beoordelen en acuut handelen wanneer nodig.
| |
| # '''Contextinterventies:''' werkhervorming, vermindering van prikkelbelasting, duidelijke routines.
| |
| # '''Therapie:''' cognitieve of gedragsgerichte therapieën die focussen op herinterpretatie, patroonherkenning en perspectiefwissel; waar relevant trauma-informed care.
| |
| # '''Medicatie:''' volgens richtlijnen indien indicatie en ernst dit vergen.
| |
| # '''Follow-up:''' monitoren van energieniveau, slaap en sociale re-integratie.
| |
|
| |
| == Literatuur / bronnen ==
| |
| * DSM-5 criteria (samenvatting): [https://www.ncbi.nlm.nih.gov/books/NBK519712/Table/ch3.t5 DSM-5 criteria — NCBI].
| |